Verkiezingen.

Henk, “op welke partij moet ik nu stemmen op 17 maart” wordt mij de laatste weken meermalen gevraagd. “Ik weet het echt niet meer. Bij de gemeenteraadsverkiezingen weet ik wel waar ik mijn stem aan geef, maar nu lijkt het wel dat ik maar moet gaan gokken. De tientallen (37) landelijke partijen beloven allemaal het beste voor de kiezers, ook vaak hetzelfde en maak daar maar es een keuze uit.  37 partijen met verschillende standpunten op evenzovele onderwerpen”.

Zelf heb ik daar eerlijk gezegd ook wel last van. In de volksmond zijn wordt je dan de zwevende kiezer genoemd. Het zijn veelal ook de kiezers die pas op het laatste moment met het rode potlood hun keuze maken.  Maar is dat zo en waarom? Waarom zijn er verkiezingen en wat leveren ze op. Het antwoord kan zijn dat je door verkiezingen te houden inzicht krijgt in de maatschappelijke voorkeuren van de kiezers. En dat na de verkiezingen, als de formatie is afgerond, volgens de politieke voorkeuren het land kan worden bestuurd. En als je geluk hebt kan dat lukken.

Ik hoor ook wel es dat een stelsel met 2 partijen gemakkelijker zou zijn. En de richting van welke kant we opgaan wordt bepaald door partij A of B. De A partij  zegt Ja op een bepaald onderwerp en partij B zegt Nee. Je houdt verkiezingen en het wordt afhankelijk van de meerderheid van stemmen, A of B. Je kunt je afvragen of de maatschappelijke voorkeuren op deze manier tot uiting zijn gekomen. Naar mijn mening kun je bij  zo’n twee partijen stelsel constateren dat de interpretatie van deze eenvoudige vorm van verkiezingen toch weer een lastig vraagstuk wordt.

17 maart doen er 37 partijen mee. Alle 37 hebben verschillende standpunten over even zoveel onderwerpen. Je mag aannemen dat de kiezers de standpunten van de partijen hebben doorgenomen en daarop hun stem baseren. Misschien ook nog met op wat ze op de radio horen of op de televisie zien.  Ook zijn er onderwerpen die de kiezer belangrijk vindt, maar waarover de deelnemende partijen geen standpunt hebben ingenomen. En dan zal de kiezer kijken naar wat is voor mij de minst slechte politieke partij of groepering, m.a.w. wie heeft de minst slechte standpunten.

Persoonlijk moet ik ook afwegingen maken. Ik kijk daarbij vooral naar de standpunten welke, met name in de uitvoering, ook op lokaal niveau belangrijk zijn. Ik noem er een paar; Nieuwbouw van meer woningen, zowel koop- als huurwoningen – In het verlengde daarvan de woonkosten, en dat heeft betrekking op o.a. belastingen en energiekosten – Duurzaam wonen, b.v.  financiering van duurzame huizen – Zorg, bereikbaar voor iedereen en als laatste de belastingen.  En zo zijn er nog veel meer onderwerpen welke belangrijk zijn en dat maakt het kiezen voor de een of de ander best wel interessant, maar ook moeilijk.

Ik sluit af met de oproep “ga vooral stemmen op 17 maart. Ook uw stem, uw mening doet er toe”

Grtn,   Henk Dongstra